woensdag 3 februari 2010

"Nu ken ik je"


Ik belde aan. Nadat Prinsesje (5), de deur voor me had opengedaan, rende ze luchtig als een getrainde ballet-danseres op de tenen van haar kousenvoeten naar binnen en kondigde me luidkeels aan: “Opa is er”!

Toen ik achter haar de woonkamer binnenstapte was ze alweer bezig met één van haar specialiteiten: het uiterst precies inkleuren van een kleurplaat waarop meisjes met wijde rokken, vlinders, wolken en andere romantische onderwerpen stonden en bij voorkeur ook een prinses. 

Aan de royale eettafel zat ook een meisje van een jaar of vier. Ze was bezig met een schaar een andere kleurplaat uit te knippen. Ik boog voorover, begroette Prinsesje, kreeg tussen het kleuren door een kusje, begroette het andere meisje en vroeg “Hoe heet jij?”. Een klein rond brilletje met een donkere rand maakte haar twee blauwe ogen nog groter dan ze al waren. Ze keek me strak aan: “Savannah” zei ze zonder enige verlegenheid. “Ik ben aan’ t knippen” voegde ze er voor alle duidelijkheid aan toe, “knippen vind ik leuker dan kleuren”.
 
(Een duidelijke en prettig openhartige opening, waarvoor mij menigmaal de moed ontbreekt. Binnen 10 seconden had Savannah op een ontwapenende manier contact gelegd. Waarom  kan ik dat niet meer vraag ik me af?) 

We babbelden vervolgens wat verder over de voor- en nadelen van het omranden van wolken of het juist helemaal inkleuren ervan. En ineens zegt ze: “Hoe heet je.” Au! Ik voelde me betrapt. Weliswaar had Prinsesje bij mijn binnenkomst “Opa” geroepen, maar Savannah had volkomen gelijk: ik had me niet aan haar voorgesteld! Een heel slecht voorbeeld van iemand die zegt te hechten aan goede gebruiken en kinderen ziet als kleine grote mensen!

“Sorry Savannah, ik ben de Opa van Merle” (die ik Prinsesje noem omdat ze gek is op alles wat prinses is).
Dat weet ik, maar hoe heet je nog meer?
“Ik heet Wim, Opa Wim dus. ”
“Wim, is dat je achternaam?
“Nee.”
“Wat is je achternaam dan?
"Weet je wat de achternaam van Merle is?”
Nee”.
Prinsesje schoot te hulp: “gou-dri-aan” zei naar de tafel gebogen, terwijl ze geconcentreerd doorging met kleuren. Savannah herhaalde de naam en proefde die alsof ze die voor het eerst hoorde. “En ik heet net zo” zei ik.

“Wim Goudriaan” herhaalde ze, is dat je achternaam?
“Wim is mijn voornaam en Goudriaan is mijn achternaam”.
Ze keek me zorgelijk aan.
“Nee, je voornaam is Opa en je achternaam is Wim Goudriaan”, verbeterde ze me sans
gêne.
Ze kwam in ieder geval duidelijk voor haar mening uit. Ik besloot om het gesprek een educatieve wending te geven.
“Wat is jouw achternaam”? “Noah Roor." Oei! Dat had ik niet verwacht.
Een dubbele naam vereenvoudigde deze conversatie niet. Wat nu? Gelukkig had
Junior die vanuit de keuken de conversatie had in stilte had gehoord riep nu uit de verte: “Haar 2e voornaam is Noah en haar achternaam is Roor.” Dat veranderde de zaak. “Dus je hebt twee voor- namen
zei ik: Savannah en Noah en je achternaam is Roor”. “Neeee....!” zei ze licht geïrriteerd  en met de klemtoon op elke lettergreep:”Mijn voor-naam is Sa-van-nah en mijn ach-ter-naam is No-ah Roor!!”. (Wat kunnen grote mensen toch dom zijn!)

(Dit liet aan duidelijkheid niets te wensen over. Hier had ik moeten capituleren, maar het kwartje was nog niet gevallen. Ik moest weer eens zonodig doorgaan; inzicht verschaffen of misschien wel ordinair gelijk proberen te krijgen.) 

“Hoe heet je vader”, probeerde ik.
Papa” (ik had het kunnen weten).
“En hoe nog meer?”
Marco”.
“En hoe nog meer?”
Roor”.
“Dus zijn voornaam is Marco en zijn achternaam is Roor”, zei ik geduldig. Ze zuchtte. Nu was het volkomen duidelijk; ik was een hopeloos geval.
Neeee! Zijn voornaam is pa-pa en zijn
ach-ter-naam is Mar-co Roor!"

Pas toen begreep ik haar glasheldere ongecompliceerde logica:
Alles na de voornaam is achternaam! Dàt geeft pas duidelijkheid. Ohoh, wat was ik dom!) “Oh, zit het zo! Nu begrijp ik het”, zei ik, omdat het ook zo was.
Nu ken ik je" zei ze voldaan.
“Kennen ....?” vroeg ik onzeker, omdat ik niet precies wist wat ze bedoelde en of ik nog meer over het hoofd had gezien. “Ja”, zei ze stellig, “je bent Opa Wim
Goudriaan. Opa is je voornaam en Wim Goudriaan is je achternaam.
” (Dat had
ik net van haar geleerd, maar dit ging waarschijnlijk verder.)
“Nou ja, kennen …….” zei ik nog een keer voorzichtig, in de hoop op wat meer toelichting. (Het was duidelijk dat ze met ‘kennen’ iets anders bedoelde dan ik er tot nu toe
onder verstond. Als je iets niet begrijpt helpt het altijd om het laatste dat
is gezegd te herhalen).
Ja, nu ken ik je” hield ze vol.
“Eh ……, maar de volgende keer ……, dat duurt weer een hele tijd voordat je me weer ziet
…… dan ken je me misschien niet meer ……?”, probeerde ik nog even.
Dan ken ik je ook. Dan ben je òòk Opa Wim Goudriaan” zei ze beslist.
 Tegen zoveel eenvoud ben ik niet opgewassen. Wat maken wij het leven toch nodeloos ingewikkeld. Savannah staat daar boven, die creëert haar eigen duidelijkheid. Daar kan ik nog heel wat van leren!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten