Gisteren ontving ik, dank zij een attente kennis, per E-mail, de rouwkaart van Brussaard. Zoals zo vaak, totaal onverwacht. Hij is 77 jaar geworden. Bas Brussaard was mijn 1e baas.
![]() | |||||
| drs B.K. Brussaard, 1 juli 1967 |
Tot wederzijds genoegen heb ik 4 jaar met Brussaard samengewerkt of beter ‘onder hem gediend’ en veel van hem geleerd. Op informatica gebied was hij zijn tijd ver vooruit. Hij was het die mij leerde wat informatica inhield en vooral, wat visie was. Hij liet zien hoe belangrijk het bijhouden van het vakgebied was, stimuleerde dat ik ging studeren en leerde me breed denken op de lange termijn. Hij was voor mij een wandelend voorbeeld. Dat voorbeeld stimuleerde mij om mijn vak bij te houden, mede daardoor werd ik o.a. docent bij het NOVI, lid van een examencommissie, Rijksgecommitteerde en bleef ik in nauw contact met een aantal van zijn prominente afstudeerders. Zo rolde het balletje verder. In retroperspectief heeft niemand zoveel invloed op mijn loopbaan gehad als Brussaard.
Door een bepaalde overlap tussen ons enerzijds en aan de andere kant een zeker complementariteit, ontstond er iets bijzonders: ‘samen konden we alles’ dacht ik toen. Onzin natuurlijk, maar een heel klein beetje klopte er wel van. Na 4 jaar zijn onze wegen gescheiden door mijn dadendrang. Hij heeft zijn best gedaan om me te behouden voor het Gemeentelijk Rekencentrum (GRC), maar toen hij merkte dat mijn besluit vast stond was ook hij het die me tipte voor mijn volgende baan en daar zeer waarschijnlijk achter de schermen het pad voor heeft geëffend, iets waarover hij nooit met mij heeft gesproken. Hij is me altijd blijven steunen en hij heeft, als dat zo eens te pas kwam, ook vele jaren later, mij aanbevolen of mensen naar mij doorgestuurd nadat ik in 1984 'voor mezelf begonnen' was .
Ruim 10 jaar later kwamen Brussaard en ik elkaar weer tegen toen we beiden op het Ministerie van Binnenlandse Zaken werkten, maar op heel verschillende afdelingen en met verschillende functies.
Een enkele maal leidde dat tot een botsing tussen als ik de minister had geadviseerd over een politiek ICT-vraagstuk, terwijl hij - niet helemaal onterecht - vond dat dat zijn werk was. Maar dat was geen aanleiding tot verwijdering tussen ons, daarvoor was hij te vriendelijk en begripvol.
Brussaard was een politiek overtuigd dienaar van de overheid.*) Hij had er destijds voor gekozen een goede positie bij de Shell te verruilen voor het GRC. Toch bleef hij ook een wat vreemde eend in de overheidsbijt. Met politiek en ambtelijke cultuur had hij niet veel op. ‘Het spel spelen’ om mensen te overtuigen was iets waar hij weinig affiniteit mee had, niet in zijn GRC-tijd en niet in zijn tijd op het departement. Mede daardoor heeft hij m.i. niet de waardering heeft gekregen hij verdiende. Hij heeft hij minder van zijn plannen kunnen realiseren dan hij wilde. Dat moet een teleurstelling zijn geweest, denk ik.
Op het vakgebied waren we het niet altijd eens. Niet over de strategische kant, die deelden we als regel, maar vooral over de tactische, praktische kant van zijn ambitieuze plannen. Dat was al zo bij het GRC en dat werd niet anders op het departement. Brussaard was geweldig in concepten, maar dat ging niet altijd samen met begrip voor de situatie en praktisch opereren. Ik heb toen wel eens gedacht dat ik in zijn buurt had moeten blijven om hem te 'vertalen' en hem voor belangrijke vergaderingen een beetje te coachen, zoals ik dat in de jaren bij het GRC had gedaan.
Brussaard was een man van lange adem. Hij zaaide zonder de behoefte om zelf te oogsten. Sommige van zijn ideeën zijn pas na 25 jaar of meer gerealiseerd. Hij vond dat niet erg. Zaaien was het belangrijkste vond hij. Hij was in mijn ogen een geboren hoogleraar. Dat is hij uiteindelijk ook geworden. In die functie heeft hij een moeilijk te overschatten bijdrage aan de kwaliteit van de Nederlandse informatica geleverd en zijn er ruim 100 ingenieurs bij hem afgestudeerd.
Ik heb hem in 2001 uitgebreid gesproken tijdens een reünie van het GRC. Daar ben ik nu extra blij om. Bij het diner hebben we elkaar opgezocht. We zaten we naast elkaar en spraken, als vanouds, overal over en zelden over informatica. Ik denk daar met nostalgie aan terug, het was de laatste keer dat ik hem sprak.
Bas Brussaard was een zachtaardige, zeer intelligente en belezen man, die ik zeer hoog achtte. Hij heeft een bijzondere wending aan mijn leven gegeven. Daarvoor ben ik hem nog steeds dankbaar en dat zal zo blijven.
*) Veel later begreep ik dat zijn vrouw daar (ook?) een belangrijke invloed op had gehad. Ze voelde er weinig voor om van land naar land te blijven trekken met opgroeiende kinderen.
